Geen info, geen onrust?
|
Argumenten die gehanteerd worden tegen openheid ten aanzien van informatie naar de consument omtrent de drinkwatersamenstelling zijn (a) zulke informatie kan bij sommigen gevoelens van onrust opwekken (b) de consument begrijpt er toch niets van.
|
Het opwekken van gevoelens van onrust is onmogelijk bij een drinkwaterkwaliteit waarvan gezegd wordt dat deze aan de strengste criteria voldoet en tot de beste van de wereld behoort. Indien onrust zou uitbreken dan zou dat betekenen dat drinkwaterbedrijven hun verplichting tot het leveren van deugdelijk drinkwater niet nakomen.
Overigens blijkt in Amerika al gedurende de meer dan 3 jaar dat Civil Right to Know Act in werking is dat bij openbaarmaking van drinkwatergegevens geen onrust ontstaat.
Nog afgezien van de praktijk moet de vraag beantwoord worden op grond van welke wetsbepaling drinkwaterbedrijven niet en commerciële bedrijven wel gehouden zijn tot openbaarmaking van producteigenschappen die nadelig kunnen zijn voor de gezondheid.
Nutricia was enige jaren geleden verplicht om publiekelijk te verklaren dat zich in een van haar producten het ontsmettingsmiddel Halamid bevond. De hele lading moest uit de markt worden teruggehaald.
Volgens de RIWA rapporten bevinden zich niet een, doch meerdere verdachte carcinogene en mutagene stoffen in het aan consumenten afgeleverde water. Niet valt in te zien waarom drinkwaterbedrijven evenzeer onzorgvuldig zouden handelen indien zij de consument er niet op wijzen dat deze stoffen zich in het afgeleverde drinkwater bevinden.
Ook blijkt uit de Amerikaanse wetgeving dat de rapporten in begrijpelijke taal zo kunnen worden opgesteld dat de consument de inhoud kan volgen.